Wim Kok | * 29 september 1938 – † 20 oktober 2018

Oud-vakbondsman en PvdA-leider Wim Kok werd in 1994 minister-president van het eerste kabinet zonder christendemocraten in ruim 75 jaar. Hij leidde twee paarse kabinetten, tot hij in 2002 | kort voor de finish | na de verschijning van het NIOD-rapport over Srebrenica met zijn voltallige kabinet zijn ontslag aanbood. Hij nam daarmee zijn verantwoordelijkheid voor het drama uit 1995, waarbij Nederlandse VN-militairen niet wisten te voorkomen dat Bosnisch-Servische troepen minstens 7000 moslimmannen en -jongens vermoordden.

Wim Kok was een populaire premier, die zowel binnen als buiten zijn partij veel persoonlijk gezag had. In het buitenland maakte hij indruk met het poldermodel. Dat stond voor opbouwend overleg tussen overheid, werkgevers en werknemers en werd als typisch Nederlands gezien. Het polderoverleg beleefde onder paars zijn hoogtepunt. Bill Clinton prees deze Nedrlandse premier als voorbeeld: eerder dan tijdgenoten als de Britse premier Tony Blair en Bill Clinton zelf had hij de verstandige ‘derde weg’ gevonden tussen kapitalisme en “sociale cohesie”.

Wim Kok was ook geregeld nurks en geïrriteerd, maar bij degenen die met hem werkten overheerste toch het respect voor zijn deskundigheid en integriteit. Zijn status als staatsman vestigde hij definitief met de manier waarop hij de kwestie-Jorge Zorreguieta oploste. De vader van de huidige koningin Máxima was omstreden omdat hij in de jaren zeventig in Argentinië staatssecretaris was geweest onder de bloedige dictatuur van generaal Jorge Videla. Wim Kok schakelde minister van Staat Max van der Stoel in, die Jorge Zorreguieta overtuigde om de huwelijksplechtigheid van zijn dochter niet bij te wonen.

Timmermanszoon Wim Kok was al een bekende Nederlander toen hij zijn entree maakte in de Haagse politiek. Na een studie aan Nijenrode begon hij zijn loopbaan in 1961 bij het Nederlands Verbond voor Vakverenigingen | afgekort: NVV |, waar hij snel carrière maakte. Hij werd in 1976 de eerste voorzitter van de FNV – die ontstond uit een fusie van het NVV met het katholieke NKV – en was daarna jarenlang hèt gezicht van de Nederlandse vakbeweging.

In 1982 sloot Wim Kok met werkgeversvoorzitter Chris van Veen het Akkoord van Wassenaar. Dat kwam erop neer dat de vakbonden zouden afzien van loonsverhogingen in ruil voor arbeidstijdverkorting. Wim Kok vond die vrijwillige loonmatiging nodig, omdat de Nederlandse economie in zwaar weer verkeerde en de concurrentiepositie zwak was. Het Akkoord van Wassenaar | dat geldt als het schoolvoorbeeld van het poldermodel | droeg in hoge mate bij aan het herstel van de Nederlandse economie dat zich vanaf 1984 aftekende.

Wim Kok liet zich in 1985 door PvdA-leider Joop den Uyl overtuigen van een overstap naar de politiek. Hij ging op de kandidatenlijst voor de PvdA staan als de beoogde opvolger van Joop den Uyl. Hij hoopte nog een keer premier te worden, maar nadat het CDA in 1986 met Ruud Lubbers als lijsttrekker de grootste partij was geworden, trok Joop den Uyl zich terug en werd Wim Kok de nieuwe PvdA-leider. Wim Kok voerde oppositie tegen het kabinet- Ruud Lubbers II, maar maakte de PvdA tegelijk weer tot een potentiële regeringspartner door afscheid te nemen van de zwaar ideologische oppositiestijl van Joop den Uyl.

Nadat Ruud Lubbers in 1989 met de VVD gebroken had, werd Wim Kok minister van Financiën en vicepremier in Ruud Lubbers III. Hij voerde een streng bezuinigingsbeleid, dat erop gericht was het financieringstekort terug te brengen en de lastendruk te stabiliseren. Een van zijn maatregelen was een accijnsverhoging op benzine met 18,3 cent. Dit zogenoemde ‘kwartje van Kok’ duikt nog geregeld op in het politieke debat. De PVV had teruggave van het ‘kwartje van Kok’ in 2012 in zijn verkiezingsprogramma staan.

In 1991 stemde Wim Kok onder zware druk van het CDA in met een herziening van de WAO. Het aantal arbeidsongeschikten was toen 900.000. Premier Ruud Lubbers | Nederland is ziek | dreigde op te stappen als de 1 miljoen zou worden gehaald. Het kabinet besloot de WAO in hoogte en duur te beperken en strenge herkeuringen voor jongere wao’ers verplicht te stellen. De plannen veroorzaakten een crisis in de PvdA, die partijleider Wim Kok ternauwernood overleefde. Hij haalde de scherpste kantjes van het WAO-voorstel af. Huidige WAO’ers zouden hun uitkering houden, maar die zou wel bevroren worden, en Wim Kok stemde er mee in dat er een eind kwam aan de koppeling van lonen en uitkeringen. Hierna kreeg hij op een speciaal, emotioneel partijcongres een grote meerderheid van de leden achter zich.

Mede door de WAO-crisis verloor zijn partij bij de verkiezingen flink: twaalf zetels. Maar omdat het CDA nog meer moest inleveren, werd de PvdA alsnog de grootste en werd Wim Kok minister-president van het kabinet-Wi Kok I, dat bekend staat als Paars I. Onder hem beleefde Nederland economisch gezien gouden jaren, waarin de werkloosheid snel daalde en de economische groei het niveau van de jaren vijftig en zestig benaderde. Het kabinet kon de ene financiële meevaller na de andere inboeken.

In 1995 hield hij een opvallende speech, waarin hij ‘het afschudden van de ideologische veren’ een bevrijdende ervaring noemde. Hij markeerde ermee dat de PvdA was opgeschoven naar het politieke midden. Bij de verkiezingen in 1998 werd de PvdA beloond. De partij kwam op 45 zetels en na een zeer korte formatie kon Wim Kok zijn tweede paarse kabinet gaan leiden. Ook dat kabinet ging het aanvankelijk voor de wind. Het liberaliseerde de euthanasiewetgeving en voerde het homohuwelijk in. Maar er kwam steeds meer kritiek, onder meer op de groeiende wachtlijsten in de zorg en op de toenemende inflatie. In het laatste jaar van de kabinetsperiode heerste er een regelrechte anti-paarse stemming, die niet in de laatste plaats werd veroorzaakt door Pim Fortuyn die smalend sprak van ‘de puinhopen van paars’. Wim Kok had op dat moment zijn vertrek al aangekondigd en Ad Melkert aangewezen als zijn opvolger. Mede daardoor werden de gemeenteraadsver- kiezingen van maart 2002 en de landelijke verkiezingen van 15 mei 2002 een drama voor de PvdA. Wim Kok bood vlak voor de eindstreep zijn ontslag aan na de publicatie van het rapport van het Nederlands Instituut voor Oorlogsdocumentatie | afgekort: NIOD | over de Neder- landse rol bij de val van Srebrenica in 1995, waarbij duizenden Bosnische mannen werden vermoord. Nadat Peter-Jan Balkenende in 2002 premier was geworden, verdween Wim Kok naar de achtergrond. In 2003 aanvaardde hij een aantal commissariaten.

Koning Willem-Alexander schrijft op de dag van overlijden over Wim Kok: ‘Met het grootste respect gedenken wij Wim Kok. Gedurende vele jaren zette hij zich gewetensvol in voor ons land. Als vakbondsvoorzitter behoorde hij tot degenen die de basis legden onder ons Poldermodel. Als minister van Financiën en minister-president boezemde hij vertrouwen in door zijn integriteit en zijn talent om complexe problemen hanteerbaar te maken. Sociale bewogenheid was de grondtoon in zijn leven. Nederland is hem veel dankbaarheid verschuldigd. Op deze verdrietige dag gaan onze gedachten uit naar zijn vrouw en zijn familie’.

Welkom bij het Holland Magazine