Veessen | een rustig Veluws dorp aan de IJssel

Veessen is een Veluws dorp aan de IJssel en telt circa 475 inwoners. In de omgeving van het dorp wonen nog eens ruim 200 inwoners. De plaatsnaam kwam in 1217 voor als Vesce. Er bestaan twijfels of daar werkelijk het huidige Veessen mee bedoeld werd. Het is in elk geval wel duidelijk dat in 1365 | 148 jaar later | de plaats als Vesen werd geschreven. In 1459 | nog eens 94 jaar later | dook de huidige spelling van de plaatsnaam op. Op 1 januari 1812 werd Veessen als zelfstandige afgesplitst van Heerde. Op 1 januari 1818 kwam er alweer een eind aan de zelfstandigheid en keerde Veessen terug bij Heerde en is het dorp nog steeds onderdeel van de gemeente Heerde. Opvallend detail is dat de gemeente Veessen geen gemeentewapen had. Op een aanvraag van 29 juli 1816 gaf de burgemeester van Veessen destijds zelfs aan dat men er ook niet voor in aanmerking wilde komen.

In de Middeleeuwen of wellicht eerder kende Veessen een veerdienst met de overzijde van de rivier de IJssel. In het begin van de 19-de eeuw lag er ooit een schipbrug | de Kozakkenbrug – zie foto links | tussen Veessen en Fortmond, gebouwd door Kozakken die de geallieerden meehielpen om het Franse leger te achtervolgen bij hun terugtocht uit Europa naar Frankrijk. Deze brug heeft maar kort bestaan. Een dam vanaf de IJsseldijk door de uiterwaarden naar de rivier draagt in de volksmond nog steeds de naam ‘Kozakkendam’. Vandaar dat het huidige pontje nabij Cafe-Restaurant IJsselzicht de naam Kozakkenveer heeft gekregen. De oudste vermelding van een veerdienst stamt uit 1379 en heeft het over een ‘veerschip’. Het meeste vervoer ging in die tijden nog over het water omdat de onverharde wegen slecht waren. De IJssel was daarom een drukbevaren handelsroute tussen plaatsen aan de Zuiderzee en de Hanzesteden als Deventer en Zutphen.

Veessen ligt aan een bocht in de rivier die de naam ‘Het rak van ongemak’ werd genoemd vanwege de ongunstige loop van de rivier waardoor daar het zeilen lastig bleek; Veessenaren konden schippers met touw en paard via de wal helpen om door het rak te komen. Het maakte Veessen met zijn eigen tolhuis en overslaghaven tot een welvarend dorp.

Na de opkomst van het verkeer en vervoer per spoor en over de weg raakte Veessen zijn gunstige positie definitief kwijt. Het voetveer bleef wel bestaan. Met een roeiboot zette de veerbaas buurtbewoners en reizigers over en werd een grotere boot noodzakelijk omdat de reizigers ook vaak een fiets bij zich hadden.

De boot was inmiddels zo groot dat er bijna 20 personen met fiets overgezet konden worden. Dit was mede te danken aan het feit dat veel arbeiders die op de steenfabriek Fortmond werkten aan de Gelderse zijde van de rivier woonden . Na de Tweede Wereldoorlog ging het overzetten gemakkelijker en kreeg de boot een motor. In heel strenge winters, zoals bijvoorbeeld ook nog in de winter van 1963, vroor de IJssel wel eens dicht, en kon er per boot geen oeververbinding worden onderhouden. Passagiers vanaf de Veluwse kant moesten eerst via een draaibruggetje de haveningang van de Hank oversteken om op de landtong te komen, vanwaar de het voetveer naar de overzijde vertrok. Dit bruggetje | zie foto links | lag niet ver van de huidige opstapplaats van het Kozakkenveer in de haveningang op de linkeroever. Met de bel die bij het bruggetje hing, waarschuwden zij de veerbaas die, als er geen klandizie was, in het café vertoefde, dat er werk aan de winkel was. Bekend is dat na de Tweede Wereldoorlog een oversteek ongeveer een stuiver kostte; en met de fiets 6 cent moest worden betaald.

Aan de Veessense IJsseldijk staat de molen van Bats een korenmolen uit 1779. De molen is vernoemd naar de laatste beroepsmolenaar op de molen: Bats | Lubbertus lll | Langevoord. In 1777 werd toestemming verleend voor het bouwen van een molen. In 1779 werd de molen gebouwd. In 1888 verrees naast de molen een stoommaalderij ‘De Stoom’. Na 1945 kwam deze maalderij stil te staan. Later kwam hierin een gasmotor te staan en in 2005 een dieselmotor.

Op 6 mei 1996 werd de toenmalige molenaar Jan Langevoord | jongere broer van Bats Langevoord | op 91-jarige leeftijd vermoord. In 2005 was de maalderij met een uit 1939 stammende, 35 PK, Zweedse dieselmotor van A.B. Nilssén & Westbergs Maskinaffär in Karlstad weer maalvaardig. ‘De Stoom’ kreeg toen de naam ‘De Stoom van Jan’. De molen zelf onderging restauraties in 1962, 1971 en 1991/1992.

Bats Langevoord } zie foto links | wordt in het dorp Veessen levendig gehouden omdat het zo’n gezellige man was en graag een glaasje Beerenburg met suiker dronk. En zijn molen draagt nog steeds zijn naam: ‘De Mölle van Bats’

Het Veluwse Veessen en het Overijsselse Fortmond worden gescheiden door de rivier de IJssel. Menige Veessenaar heeft gewerkt bij de steenfabriek die zich aldaar heeft gevestigd in 1828. Steenfabriek Fortmond werd opgericht in 1889. De nog aanwezige ringovens en schoorsteen zijn opgetrokken in 1919 en 1920.

In 1976 werd de fabriek gesloten bij een saneringsronde die het verminderen van overcapaciteit in de bedrijfssector ten doel had. Bats Hogeboom | zie foto links |heeft tientallen jaren gewerkt bij Steenfabriek Fortmond en dat volbracht tot de sluitng in 1976.

Bij de fabriek was ook enkele kilometers lang smalspoor aanwezig. In eerste instantie waren het door paarden getrokken wagens die steenkool en personen vervoerden. Rond 1922 werd zeven kilometer spoor toegevoegd naar nieuwe kleiputten en werden twee stoomlocomotieven aangeschaft. Na de sluiting van de fabriek werd het spoor opgebroken.

In het centrum van Veessen werd in een lang verleden iedere maandag eieren verhandeld. Eén van de marktmeesters is de heer Bernardus Johannes Bronsink geweest. Deze eieren werden door de boer of boerin aangeboden aan de eierhandelaar. De eiermarkt werd gehouden in de open lucht in het centrum van het dorp Veessen. De eierboeren kwamen met hun mand of kist naar de Eiermarkt. De eieren werden geteld door speciale tellers. Het tellen gebeurde met in de ene hand drie en in de andere hand twee eieren. Ook waren er handelaren die alleen per hele kilo wensten te kopen. Na het tellen werd het aantal op een briefje geschreven en werd dit aan de verkoper gegeven. Hierna werd er afgerekend. Veel van de eieren werden destijds geëxporteerd naar Engeland.

In 1943 | tijdens de Tweede Wereldoorlog |werd de ‘echte’ Eiermarkt van Veessen voor het laatst gehouden en pas twintig jaar geleden kwam Muziekvereniging VIVO | opgericht op 21 november 1921 | met deze moderne opvolger. Het idee achter het festijn is simpel: ‘VIVO biedt de bevolking iets aan, terwijl zij de muziekvereniging steunen door aanwezig te zijn’. Binnen die gedachte worden bijvoorbeeld de drank- en snackverkoop zelf geregeld en zijn sponsoren ook van groot belang. De plekjes op de rommelmarkt zijn voorbehouden aan inwoners van Veessen en het nabij gelegen dorp Vorchten en het buurtschap Marle.

Of je moet er bijvoorbeeld familie hebben zitten die op hun naam een plekje reserveert. Hoewel er hier en daar nog wel een eitje verkocht wordt, is de diversiteit toch het opvallendste aspect van de markt. Terwijl aan de ene kant van de weg klompen te koop zijn, ligt op het kraampje aan de overkant t-shirts en horloges. Werkelijk alles wat in Veessen, Vorchten en Marle te koop is heeft men uitgestald op de Eiermarkt. De diversiteit geeft volgens het Eiermarktcomité, bestaande uit leden van de muziekvereniging VIVO, dan ook het unieke karakter aan deze markt. De Eiermarkt wordt ieder jaar op de 2-de zaterdag in juli gehouden van 13.00 uur tot 21.00 uur in het centrum van Veessen en is alom bekend om zijn gezelligheid. Parkeren is gratis en parkeerplaatsen worden aangegeven met borden.

De huidige Hervormde Pastorie van Veessen is gebouwd in 1933, het jaar dat Louis Buenk predikant werd in Veessen. Het verzet in Veessen gedurende de oorlogsjaren van 1940-1945 draait om deze predikant.

Hij werd naar eigen zeggen van een man ‘van het gebroken geweertje’ tot een pacifist met ‘geladen geweer’. Als consequentie van het verzet tegen het moorddadige geweld stelde hij zich uiteindelijk beschikbaar voor het gewapende verzet. Hij begon met directe hulpverlening aan Joden en andere vogelvrij verklaarden.

Lange tijd hoorde het kerkelijk bij Heerde. Na predikant Gysbertus Joannis komt prediaknt G. Henrici uit Hattem en wordt Veessen een zelfstandige Hervormde Gemeente. In 1649 wordt de als kerk te gebruiken kapel hersteld. In 1839 is het gebouw zo verwaarloosd en bovendien te klein om alle mensen te herbergen dat er besloten wordt een nieuwe kerk te bouwen. Dat gebeurde in 1842. | zie foto links |

De gemeente is tot op de dag van vandaag zelfstandig en kerkt nog steeds in die prachtige ‘waterstaat’ kerk met het bekende Van Oeckelen-orgel dat in 1998 werd gerestaureerd. De oudste pastorie die bekend is, is op 14 oktober 1828 in vlammen opgegaan. Deze brand werd veroorzaakt door de krankzinnige predikantszoon Gerrit van Allen. In 1831 werd er een nieuwe pastorie gebouwd die in 1933 vervangen werd door de pastorie | zie foto links | waar predikant Louis Buenk de eerste bewoner van was.

De diensten in de Nederlands Hervormde Kerk in Veessen beginnen iedere zondag om 9.30 uur. Nabij de kerk staat het kerkelijkcentrum De Boerbrink. Wijnand Sonnenberg is als emeritus predikant verbonden aan de Hervormde gemeente Veessen.

De aard der bevolking is ruimhartig. Men is er kalm en de kat uit de boom kijkend. Als de bevolking van Veessen je accepteert dan zijn ze ook hartelijk. Vele dorpelingen veronderstellen dat dit voortkomt uit een vermenging van de bevolking met mensen die de IJssel op en neer voeren om handel te drijven. Er zjn ook mensen schippers geweest met als thuishaven Veessen | zie foto links |. En er zijn mensen in Veessen die aannemen dat er in de Veessense bevolking veel ander bloed moet zitten. Bijvoorbeeld door contacten met de Hanzehandel maar ook door contacten met de Kozakken die aan het einde van de tijd van Napoleon bij Veessen de IJssel overkwamen. De bevolking van Veessen rond de oorlogsjaren was grotendeels afhankelijk van het boerenbedrijf en van de steenfabriek op Fortmont, eigendom van familie Hendrik Jan Bakhuis. Het dorp kende een aantal bakkerijen die het brood uitventten tot op de IJssel en de overkant.

Nu zijn er geen winkels meer in het dorp aan de IJssel. Wel zijn er een aantal voor op-vakantie-gaan- en lekker-even-weg-bedrijven gevestigd in de uiterwaarden dan wel nabij de rivier de IJssel. Hotel IJsselzicht met café-restaurant met uitzicht op de IJssel, en Camping De IJsselhoeve | café-restaurant jaargang 1975 – zie foto links | met een fantastisch aangelegde Engelse tuin waar een goed verzorgd terras is gerealiseerd met uitzicht op de rivier de IJssel. En dan is er nog een | zich zelf noemende | gezellige camping De Tesseplekke. En tenslotte Bed and Breakfast Studio Brons. De Drent Jan de Jonge is met zijn Groningse vrouw Aly de enigen geweest die eigenaars zijn geweest van zowel Hotel–Café-Restaurant IJsselzicht | 1971 – 1975 | als ook van Camping De IJsselhoeve | 1975 – 1991 | met een café-restaurant in de nagelegen boerderij.

Wellicht eens na te denken over een weekend uit met de camper of caravan op één van de campings in het groen of er vakantie gaan houden. Veessen is een bezoek of een langer verblijf waard en zeker de Eiermarkt die ieder jaar op de 2-de zaterdag in juli wordt gehouden. Of maak een overtocht van het Gelderse Veessen naar het Overijsselse Fortmond met het Kozakkenveer en ga kijken wat er nog te zien is bij de voormalige steenfabriek, De Mölle van Bats | veelal op zaterdag in bedrijf | is werkelijk prachtig en natuurlijk het echte plattelandsleven bij al die boerderijen en prachtige oude huizen | het terras, de Engelse tuin en café-restaurant van De IJsselhoeve nu – zie foto links | in en rondom dit Veluws dorp. Maar ook naar het dorp Vorchten met zijn oude, deels tufstenen kerk uit de 15-de eeuw en het buurtschap Marle, een stukje Overijssel in het Veluwse deel van Gelderland.

2 Comments

  1. J.Met. Thybaut-Dietvorst

    Prachtig verhaal over ons mooie dorp. Wij wonen al ruim 40 jaar met veel plezier hier in Veessen in het huis naast de kerk.

Welkom bij het Holland Magazine